MIDDENBOUW (KLAS 8)

Een greep uit de leerstofinhouden

Als één van de zes vestigingen van de Middelbare Steinerscholen Vlaanderen volgen wij de leerplannen van de Federatie Steinerscholen (www.steinerscholen.be). Deze zijn eigen (door de overheid goedgekeurde) leerplannen van de Steinerscholen en bevatten eigen (door de overheid goedgekeurde) eindtermen.

Hieronder volgt een sfeerbeeld van de verschillende lesinhouden met het aantal uren per week.

KLAS 8

(download de lestabel)

AARDRIJKSKUNDE

De jongere van de 8ste klas geraakt steeds meer geïnteresseerd in de wereld rondom. Hoe ziet die wereld eruit en hoe gedraagt de mens er zich in? In de lessen aardrijkskunde streven we naar een evenwichtige behandeling van regio’s, volkeren, landschappen en klimaten naar soorten en werelddelen. Op exemplarische wijze bouwen we het wereldbeeld bij de leerlingen verder op. In een persoonlijk werk stellen de leerlingen een niet Europees land naar keuze voor aan hun klasgenoten.

BIOLOGIE

In het tweede leerjaar van de eerste graad behandelen we de mens zelf. Aansluitend bij de levensfase van de jongeren besteden we voldoende aandacht aan de seksuele opvoeding. Hierbij plaatsen we de ‘technische kant’ steeds in een ruimer, menwaardig kader. Dit wil zeggen dat we het verantwoordelijkheidsaspect steeds mee belichten. Seksualiteit bespreken we in de klas steeds vanuit een sfeer van eerbied. Van groot belang is ook de studie van het menselijk skelet, het meest dode in het levende lichaam van de mens. Verder komen de gewrichten en spieren aan bod.

CHEMIE

In de chemie behandelen we de voedingsstoffen. Zetmeel, suikers, vetten en eiwitten zijn 4 krachten die in voeding werkzaam zijn en heel verscheiden tewerk gaan. Bij evenwichtig voedsel is er samenhang en harmonie tussen deze vier krachten. De mens is echter door zijn technisch vernuft in staat om de vier krachten fysiek van elkaar te scheiden waardoor er voedingsmiddelen zijn ontstaan die de mens uit evenwicht halen zoals alcohol, snoep, … En die extreme stoffen werken dan ook zeer eenzijdig en extreem.

Heel interessant is dat wij vele werkingen van deze krachten zichtbaar kunnen maken via diverse experimenten waardoor uiterlijke waarneming en innerlijke, wezenlijke werking met elkaar verbonden worden.

 

FRANS

De basis van de Franse taal wordt verder uitgebreid. De grammatica wordt afgewisseld met kennis van land en volk, liedjes, gedichten, verhalen en dialoogjes die voor de klas worden gebracht. Veel aandacht gaat naar klankvorming, beeldentaal, zelfredzaamheid. De leerlingen leren lezen, schrijven, luisteren en spreken in een Frans dat steeds vloeiender wordt.

ENGELS

In de 8ste klas diepen we de grammatica en de woordenschat verder uit. Er is aandacht voor de 4 vaardigheden: luisteren, lezen, spreken en schrijven. Inhoudelijk proberen we opnieuw zo veel mogelijk aan te sluiten bij de leeftijdsfase en andere vakken.

GESCHIEDENIS

In het tweede jaar wordt de geschiedenis van de 17de tot de 19de eeuw behandeld. Het leidmotief hierbij zijn de revoluties (Franse, Amerikaanse en Industriële), in samenhang met de innerlijke omwenteling die zich in de jongeren voltrekt. Ook zij zijn voortdurend op zoek om grenzen te kunnen verleggen. Bovendien speelt de drang om exact te gaan waarnemen een rol bij het introduceren van historische bronnen. De leerinhouden hebben in beide leerjaren van de eerste graad overeenkomsten met de leerinhouden van de vakken aardrijkskunde, Nederlands en cultuurbeschouwing. Verder komen in de lessen geschiedenis rechtstreeks elementen van leren leren aan bod: onderscheiden van hoofd- en bijzaken, leren noteren, leren studeren.

NEDERLANDS

Tijdens de lessen Nederlands hanteren we dezelfde aanpak als in de 7de klas. Het begeesterende van de taal via verhalen die aansluiten bij de leeftijdsfase blijft een belangrijk aspect. In de verschillende periodevakken moeten de leerlingen meer en meer hun eigen notities leren nemen. Dit vergt uiteraard oefening. Woordleer, zinsleer, spelling, uitbreiding van de woordenschat, schematiseren, samenvatten komen aan bod. De leerlingen maken boekbesprekingen en doen spreekoefeningen. Ze schrijven een eigen biografie nadat we enkele biografieën van belangrijke figuren uit het verleden besproken hebben. Het expressieve van de taal komt helemaal tot uiting in een groot toneel waaraan we enkele weken onze volledig aandacht schenken.

WISKUNDE

In de 8ste klas borduren we verder op wat in de 7de klas opgestart werd, namelijk de algebra. We stomen de leerlingen voorzichtig klaar voor de absolute abstractie in de 9de klas. De algebra wordt verder uitgediept met vergelijkingen waarin meerdere onbekenden aanwezig zijn, merkwaardige producten, ontbinden in factoren, … In de meetkunde worden figuren omgevormd met behoud van oppervlakte. We besteden veel aandacht aan de kegelsneden (cirkel, ellips, parabool, hyperbool) die op verschillende manieren geconstrueerd worden. Opnieuw met aandacht voor het nauwkeurige, verzorgende en esthetische aspect.

VERBALE EXPRESSIE

Dit vak kan in een projectweek verlopen waarin de kinderen werken rond gedichten, historische verhalen, dagboeken… Ze gaan hiermee op een persoonlijke manier op weg met hun steeds rijker wordende moedertaal en weten hun spreken af te stemmen op de anderen, die ‘het publiek’ vormen.

TECHNIEK

We maken in de lessen techniek gebruik van het (laten) uitvoeren van proeven en oefeningen, waarbij door de waarneming hiervan de leerlingen zelf ondervinden wat er gebeurt. Dit maakt de weg vrij naar het begrijpen van de technologie. De leerlingen gaan met andere woorden voornamelijk vertrekken vanuit de realiteit. Wat gebeurt er als ik dit doe?

De belangrijkste thema’s in de 8ste klas zijn toepassingen van de hydraulische druk en het werken met het luchtledige.

TUINBOUW

De tuinbouw in de zevende klas heeft vooral oog voor de ritmische processen in de natuur. Niet alleen de wilsvorming en het fysieke werken of de lichamelijke ontwikkeling, maar ook het gevoel en het intellect krijgen aandacht (geuren/kleuren, efficiënt gebruik van gereedschap,…). Ook de sociale aspecten worden verzorgd: samen of in groepjes werken in de schooltuin is voornamelijk arbeid van/voor anderen (opkweek van groenten en planten voor kooklessen, schoolverkoop, versiering,…)

 De processen uit de natuur en hun samenhang, de ontwikkelingsfasen van de planten, de opbouw van compost, het oog hebben voor het bodemleven en de eventuele  ziekten,… dit alles krijgt in deze lessen de nodige aandacht. En natuurlijk ook het zinvol leren omgaan met de gereedschappen en werktuigen.

In de winterperiode werken de leerlingen soms ook in een nabijgelegen natuurgebied om op een andere manier met de natuurprocessen om te gaan.

HANDWERK

Naargelang de reeds verworven vaardigheden worden de handwerktechnieken gekozen. Zo kan er geopteerd worden voor macramé en wordt er een hangmat of bv. plantenhanger gemaakt. Er kan ook gekozen worden voor het maken van eigen schoeisel. Indien mogelijk wordt er een aanzet gemaakt naar de verschillende naaisteken, wordt er een eigen ontwerp voor een kledingstuk gemaakt waarvan het patroon wordt uitgetekend waarna het volledig met de hand wordt genaaid. In de achtste klas zal het gebruik van de naaimachine een welgekome aanvulling zijn.

HOUTBEWERKING

De kinderen leren gereedschappen zoals de guts, de vijl, de beitel, het schuurlinnen,… zinvol te hanteren. Ze maken een vork, lepel en pollepel, een slabestek met schaal, een papiermes en een kandelaar. Later realiseren ze dozen met passende deksels of houten speelgoed op wielen een marionette. Hier komt een stukje techniek bij kijken!

LICHAMELIJKE OPVOEDING

In het tweede jaar van de eerste graad hebben de leerlingen het gevoel een plek op aarde te moeten veroveren. Is de sprong aangewezen in de 7de klas, zo geldt dit voor het WORSTELEN in de 8ste klas. Daarnaast staat beweging in het algemeen centraal via diverse sporten en spelen natuurlijk.

JAARWERK

In de 8ste klas staat het jaarwerk in teken van de Industriële Revolutie en de daarbij horende uitvindingen.

Middenbouw (Klas 8)

Een greep uit de leerstofinhouden

Als één van de zes vestigingen van de Middelbare Steinerscholen Vlaanderen volgen wij de leerplannen van de Federatie Steinerscholen (www.steinerscholen.be). Deze zijn eigen (door de overheid goedgekeurde) leerplannen van de Steinerscholen en bevatten eigen (door de overheid goedgekeurde) eindtermen.

Hieronder volgt een sfeerbeeld van de verschillende lesinhouden met het aantal uren per week.

Klas 8

(download de lestabel)

Aardrijkskunde

De jongere van de 8ste klas geraakt steeds meer geïnteresseerd in de wereld rondom. Hoe ziet die wereld eruit en hoe gedraagt de mens er zich in? In de lessen aardrijkskunde streven we naar een evenwichtige behandeling van regio’s, volkeren, landschappen en klimaten naar soorten en werelddelen. Op exemplarische wijze bouwen we het wereldbeeld bij de leerlingen verder op. In een persoonlijk werk stellen de leerlingen een niet Europees land naar keuze voor aan hun klasgenoten.

Biologie

In het tweede leerjaar van de eerste graad behandelen we de mens zelf. Aansluitend bij de levensfase van de jongeren besteden we voldoende aandacht aan de seksuele opvoeding. Hierbij plaatsen we de ‘technische kant’ steeds in een ruimer, menwaardig kader. Dit wil zeggen dat we het verantwoordelijkheidsaspect steeds mee belichten. Seksualiteit bespreken we in de klas steeds vanuit een sfeer van eerbied. Van groot belang is ook de studie van het menselijk skelet, het meest dode in het levende lichaam van de mens. Verder komen de gewrichten en spieren aan bod.

Chemie

In de chemie behandelen we de voedingsstoffen. Zetmeel, suikers, vetten en eiwitten zijn 4 krachten die in voeding werkzaam zijn en heel verscheiden tewerk gaan. Bij evenwichtig voedsel is er samenhang en harmonie tussen deze vier krachten. De mens is echter door zijn technisch vernuft in staat om de vier krachten fysiek van elkaar te scheiden waardoor er voedingsmiddelen zijn ontstaan die de mens uit evenwicht halen zoals alcohol, snoep, … En die extreme stoffen werken dan ook zeer eenzijdig en extreem.

Heel interessant is dat wij vele werkingen van deze krachten zichtbaar kunnen maken via diverse experimenten waardoor uiterlijke waarneming en innerlijke, wezenlijke werking met elkaar verbonden worden.

 

Frans

De basis van de Franse taal wordt verder uitgebreid. De grammatica wordt afgewisseld met kennis van land en volk, liedjes, gedichten, verhalen en dialoogjes die voor de klas worden gebracht. Veel aandacht gaat naar klankvorming, beeldentaal, zelfredzaamheid. De leerlingen leren lezen, schrijven, luisteren en spreken in een Frans dat steeds vloeiender wordt.

Engels

In de 8ste klas diepen we de grammatica en de woordenschat verder uit. Er is aandacht voor de 4 vaardigheden: luisteren, lezen, spreken en schrijven. Inhoudelijk proberen we opnieuw zo veel mogelijk aan te sluiten bij de leeftijdsfase en andere vakken.

Geschiedenis

In het tweede jaar wordt de geschiedenis van de 17de tot de 19de eeuw behandeld. Het leidmotief hierbij zijn de revoluties (Franse, Amerikaanse en Industriële), in samenhang met de innerlijke omwenteling die zich in de jongeren voltrekt. Ook zij zijn voortdurend op zoek om grenzen te kunnen verleggen. Bovendien speelt de drang om exact te gaan waarnemen een rol bij het introduceren van historische bronnen. De leerinhouden hebben in beide leerjaren van de eerste graad overeenkomsten met de leerinhouden van de vakken aardrijkskunde, Nederlands en cultuurbeschouwing. Verder komen in de lessen geschiedenis rechtstreeks elementen van leren leren aan bod: onderscheiden van hoofd- en bijzaken, leren noteren, leren studeren.

Nederlands

Tijdens de lessen Nederlands hanteren we dezelfde aanpak als in de 7de klas. Het begeesterende van de taal via verhalen die aansluiten bij de leeftijdsfase blijft een belangrijk aspect. In de verschillende periodevakken moeten de leerlingen meer en meer hun eigen notities leren nemen. Dit vergt uiteraard oefening. Woordleer, zinsleer, spelling, uitbreiding van de woordenschat, schematiseren, samenvatten komen aan bod. De leerlingen maken boekbesprekingen en doen spreekoefeningen. Ze schrijven een eigen biografie nadat we enkele biografieën van belangrijke figuren uit het verleden besproken hebben. Het expressieve van de taal komt helemaal tot uiting in een groot toneel waaraan we enkele weken onze volledig aandacht schenken.

Wiskunde

In de 8ste klas borduren we verder op wat in de 7de klas opgestart werd, namelijk de algebra. We stomen de leerlingen voorzichtig klaar voor de absolute abstractie in de 9de klas. De algebra wordt verder uitgediept met vergelijkingen waarin meerdere onbekenden aanwezig zijn, merkwaardige producten, ontbinden in factoren, … In de meetkunde worden figuren omgevormd met behoud van oppervlakte. We besteden veel aandacht aan de kegelsneden (cirkel, ellips, parabool, hyperbool) die op verschillende manieren geconstrueerd worden. Opnieuw met aandacht voor het nauwkeurige, verzorgende en esthetische aspect.

Verbale Expressie

Dit vak kan in een projectweek verlopen waarin de kinderen werken rond gedichten, historische verhalen, dagboeken… Ze gaan hiermee op een persoonlijke manier op weg met hun steeds rijker wordende moedertaal en weten hun spreken af te stemmen op de anderen, die ‘het publiek’ vormen.

Techniek

We maken in de lessen techniek gebruik van het (laten) uitvoeren van proeven en oefeningen, waarbij door de waarneming hiervan de leerlingen zelf ondervinden wat er gebeurt. Dit maakt de weg vrij naar het begrijpen van de technologie. De leerlingen gaan met andere woorden voornamelijk vertrekken vanuit de realiteit. Wat gebeurt er als ik dit doe?

De belangrijkste thema’s in de 8ste klas zijn toepassingen van de hydraulische druk en het werken met het luchtledige.

Tuinbouw

De tuinbouw in de zevende klas heeft vooral oog voor de ritmische processen in de natuur. Niet alleen de wilsvorming en het fysieke werken of de lichamelijke ontwikkeling, maar ook het gevoel en het intellect krijgen aandacht (geuren/kleuren, efficiënt gebruik van gereedschap,…). Ook de sociale aspecten worden verzorgd: samen of in groepjes werken in de schooltuin is voornamelijk arbeid van/voor anderen (opkweek van groenten en planten voor kooklessen, schoolverkoop, versiering,…)

 De processen uit de natuur en hun samenhang, de ontwikkelingsfasen van de planten, de opbouw van compost, het oog hebben voor het bodemleven en de eventuele  ziekten,… dit alles krijgt in deze lessen de nodige aandacht. En natuurlijk ook het zinvol leren omgaan met de gereedschappen en werktuigen.

In de winterperiode werken de leerlingen soms ook in een nabijgelegen natuurgebied om op een andere manier met de natuurprocessen om te gaan.

Handwerk

Naargelang de reeds verworven vaardigheden worden de handwerktechnieken gekozen. Zo kan er geopteerd worden voor macramé en wordt er een hangmat of bv. plantenhanger gemaakt. Er kan ook gekozen worden voor het maken van eigen schoeisel. Indien mogelijk wordt er een aanzet gemaakt naar de verschillende naaisteken, wordt er een eigen ontwerp voor een kledingstuk gemaakt waarvan het patroon wordt uitgetekend waarna het volledig met de hand wordt genaaid. In de achtste klas zal het gebruik van de naaimachine een welgekome aanvulling zijn.

Houtbewerking

De kinderen leren gereedschappen zoals de guts, de vijl, de beitel, het schuurlinnen,… zinvol te hanteren. Ze maken een vork, lepel en pollepel, een slabestek met schaal, een papiermes en een kandelaar. Later realiseren ze dozen met passende deksels of houten speelgoed op wielen een marionette. Hier komt een stukje techniek bij kijken!

Lichamelijke Opvoeding

In het tweede jaar van de eerste graad hebben de leerlingen het gevoel een plek op aarde te moeten veroveren. Is de sprong aangewezen in de 7de klas, zo geldt dit voor het WORSTELEN in de 8ste klas. Daarnaast staat beweging in het algemeen centraal via diverse sporten en spelen natuurlijk.

Jaarwerk

In de 8ste klas staat het jaarwerk in teken van de Industriële Revolutie en de daarbij horende uitvindingen.