Middenbouw (Klas 7)

Een greep uit de leerstofinhouden

Als één van de zes vestigingen van de Middelbare Steinerscholen Vlaanderen volgen wij de leerplannen van de Federatie Steinerscholen (www.steinerscholen.be). Deze zijn eigen (door de overheid goedgekeurde) leerplannen van de Steinerscholen en bevatten eigen (door de overheid goedgekeurde) eindtermen.

Hieronder volgt een sfeerbeeld van de verschillende lesinhouden met het aantal uren per week.

Klas 7

(download de lestabel)

Aardrijkskunde

Vaak zijn de wetenschappers die besproken worden in de geschiedenislessen een aanleiding tot diepere besprekingen op aardrijkskundig vlak. Zo komt het nauwkeurig bepalen van onze plaats op de aardbol aan bod, alsook de waarnemingen van de (schijnbare) beweging van zon en maan ten opzichte van elkaar. Dit brengt hen tot de dagdagelijkse waarnemingen zoals dag en nacht, eb en vloed en de seizoenen. Ze zetten daarna een stap in het heelal en bekijken de wetmatigheden en de schoonheid van de sterrenhemel. De zon en de planeten worden in hun bewegingen mee beleefd op alle plaatsen van de wereld. De kinderen hoeven daarvoor geen verre verplaatsingen te maken, zij kunnen dit alles al denkend voor elkaar krijgen.

Biologie

De mens verzorgt zijn lichaam door het te voorzien van voedsel. Alles wat hij uit de buitenwereld in zich opneemt, kunnen we voedsel noemen, niet alleen de dagelijkse maaltijden! Want ook via de ademhaling haalt de mens voortdurend de lucht uit de omgeving en gebuikt deze voor zijn opbouw. Met de zintuigen neemt ook iedereen alles waar, men ruikt, hoort, ziet, tast, proeft de buitenwereld. Zonder deze dagelijkse indrukken kan men niet leven of zich ontwikkelen. Ondanks de zorg waarmee de mens zich voedt, is hij toch vaak het “slachtoffer” van ziektes. Ziektes sturen veel in de war, ze zijn immers nooit gepland. Ze overvallen ons op een onverwacht moment, onaangekondigd. Meestal ervaart men deze ziektes enkel maar als erg lastig. Toch hebben ze vaak iets positiefs te brengen: ze roepen ons tot de orde omdat we fout bezig waren. Oudere mensen kunnen vele voorbeelden geven van hoe een ziekte hen op een bepaald moment heeft doen inzien om anders te gaan leven. Met deze thema’s gaan we aan de slag in de biologielessen.

Chemie

Tot in de middeleeuwen was de mens nog niet in staat om zelf nieuwe stoffen te maken. Hij moest het doen met alles wat de natuur hem schonk. Al liepen deze eerste pogingen om bv. goud te maken op niets uit en werkten ze in laboratoria die zwart van de rook waren en volhingen met vieze dampen en geurtjes, toch waren die alchemisten de belangrijke en onmisbare voorlopers van de huidige scheikunde. Ze maakten steeds betere instrumenten en stilaan behaalden ze ook de eerste successen. Het belangrijkste instrument was en is nog steeds het vuur. Het vuur is immers de belangrijkste kracht die in staat is om bestaande stoffen om te vormen tot nieuwe. Zonder het vuur is chemie onmogelijk. In de eerste chemielessen wordt de omvormende kracht van het vuur bestudeerd en maken de leerlingen kennis met de eerste chemische reacties. Zij leren veilig om te gaan met ‘vreemde stoffen’ en leren hun betoverende en tegelijk eigenzinnige karakteristieken kennen.

Frans

De basis van de Franse taal wordt weer van bij het begin opgenomen. De grammatica wordt afgewisseld met korte toneelstukjes, liedjes, gedichten, verhalen en dialoogjes die voor de klas worden gebracht. Veel aandacht gaat naar klankvorming, woordenschat, beeldentaal, zegswijzen, spreekwoorden,…

Engels

In een zevende klas gaat het grotendeels om het aanleren van vaste structuren, die de basis vormen van de Engelse taal. Een grote brok grammatica wordt afgewisseld met teksten en liedjes rond het thema bewondering en verwondering. Het nabootsen van de Engelse klanken gebeurt via de tongue twisters, songs en poems.

Geschiedenis

In de geschiedenislessen en de daar aangereikte beelden beleven de zevende klassers mee de ontdekkings- en veroveringstochten uit de late middeleeuwen. Onder de vertrouwde leiding van grote ontdekkingsreizigers als Marco Polo, Vasco da Gama, Columbus, Magelhaen,… laten ze de vertrouwde gebieden en kusten achter zich en trekken naar wijde onbekende gebieden. Eerst varen ze niet verder dan tot waar de kustlijn nog net zichtbaar is maar geleidelijk aan  durven ze zelfs die limiet te overschrijden. Ze zien hoe dit gepaard gaat met angst, met uitputting, opdoffers en nederlagen. Maar dankzij hun doorzetting, uithouding, vindingrijkheid en geloof behalen ze overwinningen en veroveren ze nieuw land. “Ze”, wie zijn dat? Dat zijn de ontdekkingsreizigers van die tijd, maar evenzeer deze zevende klassers. De twaalfjarige met z’n ontluikende ik-kracht ontwaakt en onder leiding van zijn kapitein verovert hij stilaan zelfstandigheid en vrijheid.

Nederlands

Op allerlei manieren wordt er gewerkt rond de moedertaal, eerst en vooral beeldend en daarna ook vormelijk en causaal. Typische leerstof is dan ook de woordleer en de zinsleer. Het eisende van een regel in de taal geeft grenzen aan en zorgt zo voor het ontwikkelen van vormkracht. De woordenschat wordt in grote mate  verruimd. De kinderen schrijven over hun bewondering en verwondering over kleine en grote dingen in het leven. Ook heel wat middeleeuwse legenden worden verteld of gelezen. Kinderen maken boekbesprekingen en brengen deze voor de klas. De wens die in het kind aanwezig is, vormt bovendien de kiem voor de ontwikkeling van idealisme op oudere leeftijd. Vanuit de wenszin wordt er gebouwd aan de grammatica, meer bepaald met de samengestelde zin.

Er gaat ook bijzondere aandacht naar de algemene zorg voor het taalgebruik. De toenemende angst om te spreken op deze leeftijd heeft te maken met de onzekerheid en de innerlijke zoektocht naar zichzelf. Hiermee wordt behoedzaam maar gericht omgegaan.

Wiskunde

In de wiskunde steken de leerlingen voortdurend grenzen over naar het ‘onbekende’. Door de nulgrens over te gaan, bereiken zij de wereld van de negatieve getallen en leren ze er met vertrouwen bewerkingen uit te voeren. Ook de machtsverheffingen en worteltrekkingen brengen de leerlingen naar nieuw te ontdekken (getal)gebieden.

In de algebra wordt het zelfs mogelijk om letters te betrekken bij de berekeningen. Wat daarvoor nog ondenkbaar leek, krijgen de zevende klassers weldra vlot onder de knie. Het rekenen met onbekenden geeft hen ook de mogelijkheid om zelf problemen al zoekend en rekenend op te lossen.

Meetkunde

Met de meetkunde balanceren we tussen exact geconstrueerde basiselementen (punt, rechte, cirkel,…) en het bekomen van mooie, bekoorlijke en ‘beweeglijke’ vormen. De leerlingen verwerven de nodige inzichten in de tweedimensionale  wereld en oefenen een denken dat zowel levendig, fantasierijk en zeer objectief is. De meetkundige tekeningen die de zevende klassers doen ontstaan zullen niet alleen zeer nauwkeurig maar ook zeer verzorgd en esthetisch zijn.

Cultuurbeschouwing

Hoe leven andere volkeren in alle uithoeken van de wereld? Ook hier bieden interessante figuren, verhalen over volkeren en hun cultuur een ideale gelegenheid om te praten over moed, opoffering, vertrouwen, rituelen en gewoontes, kortom het leven. Vaak worden er elementen of gevoelens aangehaald die sterk aansluiten bij wat er leeft bij de kinderen van deze leeftijd.

Verbale expressie

Dit vak kan in een projectweek verlopen waarin de kinderen werken rond gedichten, historische verhalen, dagboeken… Ze gaan hiermee op een persoonlijke manier op weg met hun steeds rijker wordende moedertaal en weten hun spreken af te stemmen op de anderen, die ‘het publiek’ vormen.

Techniek

In de lessen techniek maken de kinderen uit de zevende klas kennis met de verschillende ingrepen waarmee de mens de natuurlijke omgeving tracht te beheersen. Door de kracht van het menselijke denken is er de laatste paar honderd jaar veel veranderd om het comfort van de mens te verhogen. Tegelijk heeft de natuur het ook sterk te verduren gekregen. In deze lessen techniek proberen we een gezond evenwicht te bewaren tussen beide polen. In de lessen maken ze ook  kennis met de werking van hefbomen, katrollen, takels, schroeven en tandwielen,…

Daarnaast wordt er gewerkt rond warmte, magnetisme, elektriciteit, spiegels en lenzen,.. De leerlingen leren zoveel mogelijk vanuit de praktische ervaring.

Tuinbouw

De tuinbouw in de zevende klas heeft vooral oog voor de ritmische processen in de natuur. Niet alleen de wilsvorming en het fysieke werken of de lichamelijke ontwikkeling, maar ook het gevoel en het intellect krijgen aandacht (geuren/kleuren, efficiënt gebruik van gereedschap,…). Ook de sociale aspecten worden verzorgd: samen of in groepjes werken in de schooltuin is voornamelijk arbeid van/voor anderen (opkweek van groenten en planten voor kooklessen, schoolverkoop, versiering,…)

De processen uit de natuur en hun samenhang, de ontwikkelingsfasen van de planten, de opbouw van compost, het oog hebben voor het bodemleven en de eventuele  ziekten,… dit alles krijgt in deze lessen de nodige aandacht. En natuurlijk ook het zinvol leren omgaan met de gereedschappen en werktuigen.

In de winterperiode werken de leerlingen soms ook in een nabijgelegen natuurgebied om op een andere manier met de natuurprocessen om te gaan.

Handwerk

Naargelang de reeds verworven vaardigheden worden de handwerktechnieken gekozen. Zo kan er geopteerd worden voor macramé en wordt er een hangmat of bv. plantenhanger gemaakt. Er kan ook gekozen worden voor het maken van eigen schoeisel. Indien mogelijk wordt er een aanzet gemaakt naar de verschillende naaisteken, wordt er een eigen ontwerp voor een kledingstuk gemaakt waarvan het patroon wordt uitgetekend waarna het volledig met de hand wordt genaaid. In de achtste klas zal het gebruik van de naaimachine een welgekome aanvulling zijn.

Houtbewerking

De kinderen leren gereedschappen zoals de guts, de vijl, de beitel, het schuurlinnen,… zinvol te hanteren. Ze maken een vork, lepel en pollepel, een slabestek met schaal, een papiermes en een kandelaar. Later realiseren ze dozen met passende deksels of houten speelgoed op wielen een marionette. Hier komt een stukje techniek bij kijken!

Lichamelijke Opvoeding

De leerlingen van de zevende klas willen zélf als ontdekkingsreizigers leren omgaan met de schoonheid, de kracht en de beweeglijkheid van hun lichaam. De sprong als bewegingsvorm is een gepaste oefening om de steun van de volwassene los te laten en zelf hun lichamelijke grenzen te verleggen. Het speels karakter van iedere les leert hen dat plezier beleven aan de beweging in groepsverband zeer belangrijk is. Samenspel, durven vertrouwen op elkaar zijn hierbij belangrijke te verwerven aspecten.

Jaarwerk

Tijdens het eerste trimester maken de kinderen een keuze rond het onderwerp van hun jaarwerk. Het is een thuisopdracht rond een zelfgekozen thema.

In de zevende klas staat dit in teken van de ontdekkingen. Dit werk vraagt van het kind heel wat oefening op allerlei gebieden. Het leert zich te houden aan planning, timing en afspraken. Het moet eigen ideeën ontwikkelen door het lezen van boeken en teksten en deze tot een eigen eindproduct realiseren. Ook stelt elk kind haar of zijn jaarwerk fier voor aan de andere klasgenoten.

Muzikale Opvoeding

In de muzieklessen komt zowel samenzang als instrumentaal samenspel veelvuldig aan bod. Ze maken een muzikale wereldreis en ontdekken veel over de zang en muziek van andere volkeren. Maar ook worden er jaarfeestliederen, ballades, canons of zelfs geuzenliederen geoefend en uitgevoerd voor de schoolgemeenschap of de ouders. De muziekles is in de eerste plaats een sociaal gebeuren: de leerlingen leren met veel respect te luisteren naar elkaar, zonder te oordelen en zonder enige vorm van concurrentie.

Plastische Opvoeding

In deze lessen wordt een fantasievol proces op gang gebracht waarin de kinderen veel van hun persoonlijke gevoelens tot uitdrukking weten te brengen. Het sluieren met aquarelverf, met het nat-in-nat-schilderen of met andere schilder- of tekentechnieken worden toegepast om thema’s als weergesteldheden, sferen of beelden van een klimaat, stemmingen of portretten van volkeren en rassen, types van mensen zoals de temperamenten of karaktertrekken,… op papier te zetten. Alles ontstaat op basis van de zes kleuren

Middenbouw (Klas 7)

Een greep uit de leerstofinhouden

Als één van de zes vestigingen van de Middelbare Steinerscholen Vlaanderen volgen wij de leerplannen van de Federatie Steinerscholen (www.steinerscholen.be). Deze zijn eigen (door de overheid goedgekeurde) leerplannen van de Steinerscholen en bevatten eigen (door de overheid goedgekeurde) eindtermen.

Hieronder volgt een sfeerbeeld van de verschillende lesinhouden met het aantal uren per week.

Klas 7

(download de lestabel)

Aardrijkskunde

Vaak zijn de wetenschappers die besproken worden in de geschiedenislessen een aanleiding tot diepere besprekingen op aardrijkskundig vlak. Zo komt het nauwkeurig bepalen van onze plaats op de aardbol aan bod, alsook de waarnemingen van de (schijnbare) beweging van zon en maan ten opzichte van elkaar. Dit brengt hen tot de dagdagelijkse waarnemingen zoals dag en nacht, eb en vloed en de seizoenen. Ze zetten daarna een stap in het heelal en bekijken de wetmatigheden en de schoonheid van de sterrenhemel. De zon en de planeten worden in hun bewegingen mee beleefd op alle plaatsen van de wereld. De kinderen hoeven daarvoor geen verre verplaatsingen te maken, zij kunnen dit alles al denkend voor elkaar krijgen.

Biologie

De mens verzorgt zijn lichaam door het te voorzien van voedsel. Alles wat hij uit de buitenwereld in zich opneemt, kunnen we voedsel noemen, niet alleen de dagelijkse maaltijden! Want ook via de ademhaling haalt de mens voortdurend de lucht uit de omgeving en gebuikt deze voor zijn opbouw. Met de zintuigen neemt ook iedereen alles waar, men ruikt, hoort, ziet, tast, proeft de buitenwereld. Zonder deze dagelijkse indrukken kan men niet leven of zich ontwikkelen. Ondanks de zorg waarmee de mens zich voedt, is hij toch vaak het “slachtoffer” van ziektes. Ziektes sturen veel in de war, ze zijn immers nooit gepland. Ze overvallen ons op een onverwacht moment, onaangekondigd. Meestal ervaart men deze ziektes enkel maar als erg lastig. Toch hebben ze vaak iets positiefs te brengen: ze roepen ons tot de orde omdat we fout bezig waren. Oudere mensen kunnen vele voorbeelden geven van hoe een ziekte hen op een bepaald moment heeft doen inzien om anders te gaan leven. Met deze thema’s gaan we aan de slag in de biologielessen.

 

Chemie

Tot in de middeleeuwen was de mens nog niet in staat om zelf nieuwe stoffen te maken. Hij moest het doen met alles wat de natuur hem schonk. Al liepen deze eerste pogingen om bv. goud te maken op niets uit en werkten ze in laboratoria die zwart van de rook waren en volhingen met vieze dampen en geurtjes, toch waren die alchemisten de belangrijke en onmisbare voorlopers van de huidige scheikunde. Ze maakten steeds betere instrumenten en stilaan behaalden ze ook de eerste successen. Het belangrijkste instrument was en is nog steeds het vuur. Het vuur is immers de belangrijkste kracht die in staat is om bestaande stoffen om te vormen tot nieuwe. Zonder het vuur is chemie onmogelijk. In de eerste chemielessen wordt de omvormende kracht van het vuur bestudeerd en maken de leerlingen kennis met de eerste chemische reacties. Zij leren veilig om te gaan met ‘vreemde stoffen’ en leren hun betoverende en tegelijk eigenzinnige karakteristieken kennen.

Frans

De basis van de Franse taal wordt weer van bij het begin opgenomen. De grammatica wordt afgewisseld met korte toneelstukjes, liedjes, gedichten, verhalen en dialoogjes die voor de klas worden gebracht. Veel aandacht gaat naar klankvorming, woordenschat, beeldentaal, zegswijzen, spreekwoorden,…

Engels

In een zevende klas gaat het grotendeels om het aanleren van vaste structuren, die de basis vormen van de Engelse taal. Een grote brok grammatica wordt afgewisseld met teksten en liedjes rond het thema bewondering en verwondering. Het nabootsen van de Engelse klanken gebeurt via de tongue twisters, songs en poems.

Geschiedenis

In de geschiedenislessen en de daar aangereikte beelden beleven de zevende klassers mee de ontdekkings- en veroveringstochten uit de late middeleeuwen. Onder de vertrouwde leiding van grote ontdekkingsreizigers als Marco Polo, Vasco da Gama, Columbus, Magelhaen,… laten ze de vertrouwde gebieden en kusten achter zich en trekken naar wijde onbekende gebieden. Eerst varen ze niet verder dan tot waar de kustlijn nog net zichtbaar is maar geleidelijk aan  durven ze zelfs die limiet te overschrijden. Ze zien hoe dit gepaard gaat met angst, met uitputting, opdoffers en nederlagen. Maar dankzij hun doorzetting, uithouding, vindingrijkheid en geloof behalen ze overwinningen en veroveren ze nieuw land. “Ze”, wie zijn dat? Dat zijn de ontdekkingsreizigers van die tijd, maar evenzeer deze zevende klassers. De twaalfjarige met z’n ontluikende ik-kracht ontwaakt en onder leiding van zijn kapitein verovert hij stilaan zelfstandigheid en vrijheid.

Nederlands

Op allerlei manieren wordt er gewerkt rond de moedertaal, eerst en vooral beeldend en daarna ook vormelijk en causaal. Typische leerstof is dan ook de woordleer en de zinsleer. Het eisende van een regel in de taal geeft grenzen aan en zorgt zo voor het ontwikkelen van vormkracht. De woordenschat wordt in grote mate  verruimd. De kinderen schrijven over hun bewondering en verwondering over kleine en grote dingen in het leven. Ook heel wat middeleeuwse legenden worden verteld of gelezen. Kinderen maken boekbesprekingen en brengen deze voor de klas. De wens die in het kind aanwezig is, vormt bovendien de kiem voor de ontwikkeling van idealisme op oudere leeftijd. Vanuit de wenszin wordt er gebouwd aan de grammatica, meer bepaald met de samengestelde zin.

Er gaat ook bijzondere aandacht naar de algemene zorg voor het taalgebruik. De toenemende angst om te spreken op deze leeftijd heeft te maken met de onzekerheid en de innerlijke zoektocht naar zichzelf. Hiermee wordt behoedzaam maar gericht omgegaan.

 

Wiskunde

In de wiskunde steken de leerlingen voortdurend grenzen over naar het ‘onbekende’. Door de nulgrens over te gaan, bereiken zij de wereld van de negatieve getallen en leren ze er met vertrouwen bewerkingen uit te voeren. Ook de machtsverheffingen en worteltrekkingen brengen de leerlingen naar nieuw te ontdekken (getal)gebieden.

In de algebra wordt het zelfs mogelijk om letters te betrekken bij de berekeningen. Wat daarvoor nog ondenkbaar leek, krijgen de zevende klassers weldra vlot onder de knie. Het rekenen met onbekenden geeft hen ook de mogelijkheid om zelf problemen al zoekend en rekenend op te lossen.

Meetkunde

Met de meetkunde balanceren we tussen exact geconstrueerde basiselementen (punt, rechte, cirkel,…) en het bekomen van mooie, bekoorlijke en ‘beweeglijke’ vormen. De leerlingen verwerven de nodige inzichten in de tweedimensionale  wereld en oefenen een denken dat zowel levendig, fantasierijk en zeer objectief is. De meetkundige tekeningen die de zevende klassers doen ontstaan zullen niet alleen zeer nauwkeurig maar ook zeer verzorgd en esthetisch zijn.

Cultuurbeschouwing

Hoe leven andere volkeren in alle uithoeken van de wereld? Ook hier bieden interessante figuren, verhalen over volkeren en hun cultuur een ideale gelegenheid om te praten over moed, opoffering, vertrouwen, rituelen en gewoontes, kortom het leven. Vaak worden er elementen of gevoelens aangehaald die sterk aansluiten bij wat er leeft bij de kinderen van deze leeftijd.

Verbale Expressie

Dit vak kan in een projectweek verlopen waarin de kinderen werken rond gedichten, historische verhalen, dagboeken… Ze gaan hiermee op een persoonlijke manier op weg met hun steeds rijker wordende moedertaal en weten hun spreken af te stemmen op de anderen, die ‘het publiek’ vormen.

Techniek

In de lessen techniek maken de kinderen uit de zevende klas kennis met de verschillende ingrepen waarmee de mens de natuurlijke omgeving tracht te beheersen. Door de kracht van het menselijke denken is er de laatste paar honderd jaar veel veranderd om het comfort van de mens te verhogen. Tegelijk heeft de natuur het ook sterk te verduren gekregen. In deze lessen techniek proberen we een gezond evenwicht te bewaren tussen beide polen. In de lessen maken ze ook  kennis met de werking van hefbomen, katrollen, takels, schroeven en tandwielen,…

Daarnaast wordt er gewerkt rond warmte, magnetisme, elektriciteit, spiegels en lenzen,.. De leerlingen leren zoveel mogelijk vanuit de praktische ervaring.

Tuinbouw

De tuinbouw in de zevende klas heeft vooral oog voor de ritmische processen in de natuur. Niet alleen de wilsvorming en het fysieke werken of de lichamelijke ontwikkeling, maar ook het gevoel en het intellect krijgen aandacht (geuren/kleuren, efficiënt gebruik van gereedschap,…). Ook de sociale aspecten worden verzorgd: samen of in groepjes werken in de schooltuin is voornamelijk arbeid van/voor anderen (opkweek van groenten en planten voor kooklessen, schoolverkoop, versiering,…)

De processen uit de natuur en hun samenhang, de ontwikkelingsfasen van de planten, de opbouw van compost, het oog hebben voor het bodemleven en de eventuele  ziekten,… dit alles krijgt in deze lessen de nodige aandacht. En natuurlijk ook het zinvol leren omgaan met de gereedschappen en werktuigen.

In de winterperiode werken de leerlingen soms ook in een nabijgelegen natuurgebied om op een andere manier met de natuurprocessen om te gaan.

Handwerk

Naargelang de reeds verworven vaardigheden worden de handwerktechnieken gekozen. Zo kan er geopteerd worden voor macramé en wordt er een hangmat of bv. plantenhanger gemaakt. Er kan ook gekozen worden voor het maken van eigen schoeisel. Indien mogelijk wordt er een aanzet gemaakt naar de verschillende naaisteken, wordt er een eigen ontwerp voor een kledingstuk gemaakt waarvan het patroon wordt uitgetekend waarna het volledig met de hand wordt genaaid. In de achtste klas zal het gebruik van de naaimachine een welgekome aanvulling zijn.

Houtbewerking

De kinderen leren gereedschappen zoals de guts, de vijl, de beitel, het schuurlinnen,… zinvol te hanteren. Ze maken een vork, lepel en pollepel, een slabestek met schaal, een papiermes en een kandelaar. Later realiseren ze dozen met passende deksels of houten speelgoed op wielen een marionette. Hier komt een stukje techniek bij kijken!

Lichamelijke Opvoeding

De leerlingen van de zevende klas willen zélf als ontdekkingsreizigers leren omgaan met de schoonheid, de kracht en de beweeglijkheid van hun lichaam. De sprong als bewegingsvorm is een gepaste oefening om de steun van de volwassene los te laten en zelf hun lichamelijke grenzen te verleggen. Het speels karakter van iedere les leert hen dat plezier beleven aan de beweging in groepsverband zeer belangrijk is. Samenspel, durven vertrouwen op elkaar zijn hierbij belangrijke te verwerven aspecten.

Jaarwerk

Tijdens het eerste trimester maken de kinderen een keuze rond het onderwerp van hun jaarwerk. Het is een thuisopdracht rond een zelfgekozen thema.

In de zevende klas staat dit in teken van de ontdekkingen. Dit werk vraagt van het kind heel wat oefening op allerlei gebieden. Het leert zich te houden aan planning, timing en afspraken. Het moet eigen ideeën ontwikkelen door het lezen van boeken en teksten en deze tot een eigen eindproduct realiseren. Ook stelt elk kind haar of zijn jaarwerk fier voor aan de andere klasgenoten.

Muzikale Opvoeding

In de muzieklessen komt zowel samenzang als instrumentaal samenspel veelvuldig aan bod. Ze maken een muzikale wereldreis en ontdekken veel over de zang en muziek van andere volkeren. Maar ook worden er jaarfeestliederen, ballades, canons of zelfs geuzenliederen geoefend en uitgevoerd voor de schoolgemeenschap of de ouders. De muziekles is in de eerste plaats een sociaal gebeuren: de leerlingen leren met veel respect te luisteren naar elkaar, zonder te oordelen en zonder enige vorm van concurrentie.

Plastische Opvoeding

In deze lessen wordt een fantasievol proces op gang gebracht waarin de kinderen veel van hun persoonlijke gevoelens tot uitdrukking weten te brengen. Het sluieren met aquarelverf, met het nat-in-nat-schilderen of met andere schilder- of tekentechnieken worden toegepast om thema’s als weergesteldheden, sferen of beelden van een klimaat, stemmingen of portretten van volkeren en rassen, types van mensen zoals de temperamenten of karaktertrekken,… op papier te zetten. Alles ontstaat op basis van de zes kleuren